Waarschuwingsplicht

De tweede Wkb-wijziging in de relatie tussen opdrachtgever en opdrachtnemer betreft de aanpassing van de waarschuwingsplicht van de aannemer, zoals opgenomen in het Burgerlijk Wetboek (artikel 7:754 BW).

Regeling tot inwerkingtreden Wkb

Op grond van artikel 7:754 BW is de aannemer bij het aangaan / uitvoeren van een overeenkomst verplicht om de opdrachtgever te waarschuwen voor onjuistheden. De waarschuwingsplicht is van toepassing op het ontwerp (tekeningen, berekeningen, etc.), de toe te passen materialen en de grond waarop gebouwd wordt. In geval van verbouw van een bestaand bouwwerk zoals een monument moet daar tevens het bestaande bouwwerk onder worden begrepen. Dit wil zeggen dat de aannemer ook moet waarschuwen als een voorgenomen wijziging van een bouwwerk naar zijn mening zal leiden tot schade of het tot het niet voldoen aan de voorschriften voor dat bouwwerk.

De waarschuwingsplicht is van toepassing op alle onjuistheden ‘voor zover hij deze kende of redelijkerwijs behoorde te kennen’. Dit impliceert dat de aannemer:

  • verplicht is om de beoogde werkzaamheden vooraf te beoordelen en
  • moet beschikken over de benodigde kennis en kunde met betrekking tot de uit te voeren werkzaamheden.

Wijziging door de Wkb: aanscherping waarschuwingsplicht

De Wkb scherpt de bestaande waarschuwingsplicht aan met een nieuw tweede lid voor bouwwerkzaamheden (dus ook onderhoud en restauratie van monumenten):

‘Bij aanneming van een bouwwerk geschiedt een waarschuwing als bedoeld in lid 1 schriftelijk en ondubbelzinnig en wijst de aannemer de opdrachtgever tijdig op de mogelijke gevolgen voor de deugdelijke nakoming van de overeenkomst. Van dit lid kan niet ten nadele van de opdrachtgever worden afgeweken, voor zover de opdrachtgever een natuurlijk persoon is die niet handelt in de uitoefening van een beroep of bedrijf.’

De aanscherping betreft:

  • onjuistheden: het is nodig om onjuistheden schriftelijk richting opdrachtgever aan te geven
  • gevolgen: het is nodig om ook te wijzen op de gevolgen als het bouwproject (onderhoud, restauratie, verduurzaming van het monument) toch wordt uitgevoerd op de manier die de opdrachtgever voor ogen had.

    NB Het gaat niet alleen om de technische, maar ook om de juridische gevolgen. Denk hierbij bijvoorbeeld aan het mogelijk niet voldoen aan publiekrechtelijke voorschriften, zoals het verbod om een monument te slopen, beschadigen of ontsieren zonder Omgevingsvergunning.

Het ligt voor de hand dat de aannemer tegelijk met de waarschuwing ook aangeeft hoe hij omgaat met zijn aansprakelijkheid in verband met gesignaleerde onjuistheden en gevolgen. Dit kan bijvoorbeeld inhouden dat een aannemer de gevraagde werkzaamheden alleen uitvoert als hij vooraf wordt gevrijwaard van eventuele aansprakelijkheid.

Informatie over
groen erfgoed
Toezicht op
monumenten
Projectaanpak
restauratie
Restauratoren
Register

Stichting Erkende Restauratiekwaliteit Monumentenzorg (ERM)
Burgemeester van Reenensingel 101, 2803 PA Gouda, Tel: 085 - 486 24 80