Verduurzaming

ERM is een van de partijen die voor de Klimaattafel Gebouwde Omgeving een Routekaart hebben opgesteld voor het verduurzamen van monumenten. De monumentensector streeft naar een CO2-reductie van 40 procent in 2030 en 60 procent in 2040, als gemiddelde over de gehele voorraad monumenten. Daarbij wordt zoveel mogelijk aangesloten bij ‘natuurlijke’ momenten voor de eigenaar, met aandacht voor een optimale balans tussen energie- en kostenefficiëntie, én behoud en herstel van monumentale waarden. Samen met Bewoond Bewaard tekent ERM in de nieuwsbrief met enige regelmaat ervaringen op van monumenteneigenaren met verduurzaming.

De verduurzaming van het Witte Dorp
‘Nul op de meter, dat was het oorspronkelijke doel. Maar de fysieke beperkingen van dit monumentale woonhuis maakte dat onhaalbaar. Desondanks heeft een combinatie van ingrepen toch tot een mooie verduurzaming geleid’, vertelt Ton van der Pluijm, een van de inwoners van het Witte Dorp in Eindhoven.


Het 75-jaar oude Witte Dorp in Eindhoven

Het is een prachtig voorbeeld van een tuindorp; de wijk De Burgh in Eindhoven, beter bekend als het Witte Dorp. De 265 woningen werden gebouwd in 1937-1938, in de stijl van de Nieuwe Zakelijkheid, ontworpen door architect W.M. Dudok. Lange rijen witgeschilderde bakstenen gevels, op een zwarte plint en met een asymmetrisch zadeldak van rode pannen. Op de hoeken haaks staande woningen met meer hoogte. Betonnen afdekplaten boven de erkers vormen soms een luifel boven de voordeur. Uiteraard is het complex een beschermd stadsgezicht en in zijn geheel een Rijksmonument.
‘Van zichzelf is het Witte Dorp al duurzaam’, zegt industrieel vormgever Ton van der Pluijm. ’Het is 75 jaar oud, ligt dicht bij het centrum en stimuleert dus weinig autogebruik. Maar er is nog een lange weg te gaan willen deze woningen in 2050 CO2 neutraal zijn’.
In 2016 nam hij met enkele buurtbewoners het initiatief voor een werkgroep, die onderzoekt welke duurzame maatregelen voor de monumentale woningen in het Witte Dorp mogelijk zijn. Onder de naam DuWiDo (Duurzaam Witte Dorp) studeert de groep op onder meer spouwmuurisolatie, vloerisolatie, vervanging van ramen en kozijnen, het opwekken van energie met behulp van zonnepanelen en andere kansen om tot een klimaat-neutrale woning te komen.

Al het mogelijke
In zijn eigen huis heeft Ton van der Pluijm al het mogelijke uit de kast gehaald. Zijn woning kreeg vloer- spouwmuur-, dak- en glasisolatie. Ook de erker is geïsoleerd. De ramen zijn nu uitgevoerd in HR++ glas en de bij een eerdere renovatie geplaatste aluminium kozijnen (met een slechte koudebrug onderbreking) zijn vervangen door originele stalen kozijnen, waarbij geen last meer is van een koudebrug onderbreking. Met een mechanische ventilatie wordt verse lucht aangezogen en uit de afgezogen lucht wordt de warmte gehaald om te voorkomen dat die verloren gaat. ‘Voor de aanleg daarvan kon ik gebruik maken van bestaande beluchting- en schoorsteenkanalen. In de keuken is boven de inductiekookplaat een recirculatie-afzuigkap geplaatst die de lucht met koolstoffilters zuivert. De nieuwe, goed geïsoleerde, betonnen vloer maakt vloerverwarming mogelijk. De radiatoren zijn voorzien van intelligente radiatorknoppen waarmee per kamer de warmte is te regelen. In de tuin zijn op het schuurtje, na met zes varianten te hebben geëxperimenteerd voor de monumentencommissie, vier zonnepanelen geplaatst die 800 kWh opbrengen. Al met al is het gasgebruik met de helft afgenomen en dat van elektriciteit met een derde’.

Een emmer met gaten
Ton van der Pluijm is niet ontevreden over het resultaat. ‘Je kunt zeggen, het was een huis als een emmer zonder bodem. Nu is er een bodem in de emmer geplaatst, maar helaas nog wel een met een flink aantal gaten. Maar meer is gewoon niet mogelijk, technisch niet en niet qua kosten. Je kunt het huis bijvoorbeeld niet potdicht krijgen. De betonnen lateien boven de kozijnen, het afdak boven de deur en het balkon steken door de spouwmuur en vormen zo een koudebrug. En de monumentenstatus laat een aantal mogelijkheden tot verduurzaming gewoon niet toe. Een luchtwarmtepomp op het dak of tegen een gevel is uit den boze. Dat geldt eigenlijk ook voor de door mij wel gedane vervanging van de houten vloeren door beton, om vloerverwarming mogelijk te maken. De houten vloeren zijn onderdeel van het rijksmonument, heb ik later te horen gekregen. Andere mogelijke voorzieningen, zoals warmte uit het stadsnet of een centrale warmtepomp voor de gehele wijk, zijn technisch of juridisch moeilijk te realiseren. Dat geldt ook individuele warmtepompen, daarvoor zijn de kavels van nog geen zeven meter te smal’. Al houdt hij hoop. ‘Veel technieken staan nog in hun kinderschoenen, als de vraag maar groeit komt de ontwikkeling vanzelf’.


Het warmteverlies in beeld

Niet makkelijk
Wat hem wel dwars zit is het ontbreken van een overall aanbod. ‘Elke producent of installateur komt met alleen zijn eigen product aanzetten. Nu kan ik dankzij mijn studie en werk nog wel enige vergelijkingen maken en de in mijn ogen beste techniek kiezen. Maar een leek belandt in een ondoorzichtig en vrijwel ontoegankelijk bos. Je vindt niemand die meedenkt en meezoekt naar een integrale aanpak. Wij, bewoners en bedrijven hebben tot taak ook monumenten te verduurzamen. Laten we dan de handen ineenslaan en samen werken aan een integrale aanpak en aan integrale producten.’ ERM en de andere organisaties achter de Routekaart Verduurzaming monumenten beogen om het informatieaanbod te verbeteren.


Op het schuurtje pasten vier zonnepanelen